Voor je start met de boekhouding is het van het grootste belang dat er een aantal
zaken correct zijn ingevuld en ingesteld. Deze zaken zijn eenmalig, maar
onontbeerlijk voor de goede werking van het programma.
Boekhoudplan: Voor we ook maar iets kunnen inbrengen in de boekhouding
moet het boekhoudplan aanwezig zijn. Zoals bij ieder boekhoudpakket wordt er
gebruik gemaakt van een standaard genormaliseerd rekeningstelsel. Je brengt het
beste de rekeningen in, zoals je die gewoon bent om te gebruiken. Indien je al
jaren bepaalde rekeningen gewoon bent, dan werk je het beste verder met
dezelfde rekeningen. Het standaardplan, zoals meegeleverd met je ABO-pakket,
wordt dan het beste vervangen door jouw stelsel.
Centralisatierekeningen: Het programma gebruikt deze rekeningen
automatisch bij het doorboeken. Deze moeten dus worden ingesteld voordat er
een boeking kan ingevoerd worden.
Dagboeken: Alle boekingen gebeuren uiteraard in een dagboek. Je moet
beslissen welke dagboeken je wenst te gebruiken. Ieder dagboek krijgt een code
van 2 karakters. Standaard voorzien we het volgende: AA: Aankoopdagboek
VE: Verkoopdagboek
KA: Kasboek
DI: Diversen dagboek
In functie van je boekhouding zijn er dan nog één of meerdere bankboeken,
alsook is het mogelijk dat je aparte dagboeken bijhoudt voor kredietnota's of
eventueel voor kasverkopen.
Deze dagboeken moeten dan verder worden aangemaakt in functie van jouw
noden. Het aantal dagboeken in ABO is onbeperkt.
Periodes: Het boeken van de dagelijkse verrichtingen gebeurt in periodes. Deze
periodes worden opgemaakt in functie van je behoeften. Je kunt opteren voor
periodes van een maand of per kwartaal werken. Indien je enkel de
facturatiesoftware ABO-Admin gebruikt, kan je zelfs periodes aanmaken van één
of meerdere jaren.